De Rechtspraak is een organisatie waarin 11 rechtbanken, 4 gerechtshoven, 2 bijzondere colleges, de Raad voor de rechtspraak en 3 landelijke diensten jaarlijks werken aan ruim 1,5 miljoen uitspraken. De Rechtspraak vormt samen met de Hoge Raad der Nederlanden en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State de derde staatsmacht.

Gemiddeld krijgt iedere Nederlander 1 keer in zijn leven te maken met rechtspraak. Misschien door zelf een rechtszaak te starten. Maar het kan ook als verdachte, slachtoffer, getuige of deskundige in een strafrechtzaak. De rechter zorgt ervoor dat voor iedereen dezelfde regels gelden. Eerlijke, onafhankelijke en onpartijdige rechtspraak is cruciaal voor een rechtvaardige samenleving. Want burgers, organisaties en overheid moeten op het oordeel van de rechter kunnen vertrouwen.

Rol in de strafrechtketen

Afhankelijk van hoelang het onderzoek naar het strafbare feit door de politie en het Openbaar Ministerie duurt en de uitkomst van het onderzoek, komt een zaak op zitting. De snelheid van de procedure bij de strafrechter is afhankelijk van de complexiteit van de strafzaak. Na een inhoudelijke behandeling van een zaak tijdens de zitting en nadat het onderzoek is gesloten, doet de rechter meestal direct of binnen 2 weken schriftelijk uitspraak.

Maatschappelijk effectieve rechtspraak

De Rechtspraak investeert in het toegankelijker en maatschappelijk effectiever maken van de rechtspraak. Bijvoorbeeld via innovatieve projecten zoals de regelrechter en de wijkrechter. En de aanpak van schuldenproblematiek, problematische echtscheidingen en huiselijk geweld. Maar ook via mediation in het strafrecht en de alternatieve benadering van strafzaken in het community court. Hiermee kiest de Rechtspraak voor nabijheid, samenwerking in de keten, aanpak van multiproblematiek en een duurzame oplossing van het echte probleem.

Daarnaast werkt de Rechtspraak aan de digitalisering in de strafrechtketen en de digitale toegankelijkheid voor burgers en (overheids)organisaties.

Wat kunt u verwachten bij een zitting?

U heeft een conflict met iemand.

Deze persoon heeft een rechtszaak tegen u geopend.

U bent dus gedaagde.

Binnenkort heeft u de zitting. Wat kunt u verwachten?

Voor de zitting krijgt u bericht.

Hierin staat wanneer en waar uw zitting is, en tot wanneer u bewijs mag insturen.

Misschien wilt u straks tijdens de zitting liever niet zelf spreken.

Dan moet u van te voren zeggen wie dat voor u gaat doen.

Een advocaat bijvoorbeeld of iemand anders die u vertrouwt.

Deze persoon heet gemachtigde.

Bij de rechtbank wordt u door iemand de rechtszaal binnen gelaten.
Deze persoon vertelt u ook waar u kunt zitten.

In de rechtzaal zijn verschillende mensen aanwezig.

De rechter, de griffier, u als gedaagde en de eiser.

En eventueel uw advocaat of gemachtigde.

Ook mag u iemand meenemen die de zitting graag wil zien, zoals familieleden of vrienden.

Kinderen onder de 12 jaar mogen niet in de rechtzaal.

De rechter bepaalt of hij getuigen wil horen.
Zo ja, dan gebeurt dat op een ander moment.

U hoeft dus zelf geen getuigen mee te nemen.

Eerst vertelt de rechter kort wat er gaat gebeuren.

De rechter wil de situatie zo goed mogelijk proberen te begrijpen.
Daarom stelt hij aan beide partijen vragen.

Aan het eind van de zitting kan de rechter kijken of beide partijen hun conflict willen oplossen door middel van mediation.

Ook is het mogelijk dat de rechter vraagt of de partijen op dat moment onderling zelf een afspraak willen maken.

Deze afspraak heet een schikking.

Lukt het? Dan vertellen de partijen de gemaakte afspraak aan de rechter.

Lukt het niet? Dan vertelt de rechter wat de volgende stap is.

De rechter kan bijvoorbeeld vragen om nieuwe bewijsstukken.

Of een datum geven waarop u de uitspraak krijgt.

Sociale media